Berichten

Een combi van schrijven & niet schrijven

Ik heb m’n eigen tekstbureau, maar ik ben niet vergroeid met mijn laptop. Ondanks dat we wel dikke vrienden zijn, klap ik ‘m soms liever dicht en geef ik hem zijn welverdiende rust. Voor een uurtje. Voor een hele dag of soms zelfs voor een langere tijd. Is lekker hoor. Voor hem én voor mij.

Wat doe je zonder je laptop?
Viert mijn laptop vakantie, dan betekent dit niet automatisch hetzelfde voor mij. Want ik werk lekker door. En dat maakt me hartstikke blij! Naast schrijven voor mijn tekstbureau kies ik er bewust voor ook andere banen aan te nemen. Met voorkeur banen die helemaal niets met schrijven te maken hebben.

Vind je schrijven stom dan?
Nee joh, ik vind schrijven hartstikke leuk! En het is zelfs niet zo dat het werk als freelance tekstschrijfster saai of onderbetaald is. Maar om mijn leven rendabel en extra plezierig te maken, kies ik voor een combinatie van verschillende werkzaamheden. Het houdt me gewoon alert, veelzijdig en vrolijk. Het geeft me alle energie die ik nodig heb om weer met een blij hoofd m’n laptop een dikke knuffel te geven voordat ik ‘m openklap.

Ennuh, over wat voor werk hebben we het?
Vanaf het moment dat mijn tekstbureau op palen stond, ben ik om mij heen gaan kijken. Want schrijven en reizen, blijkt namelijk ook ’n hele fijne combinatie. Maar daar heb ik het nu niet over.
(Lees daarover meer in: En jahoor, ook zij is digital nomad!)

Schrijven betekent veel zitten en naar een scherm staren. Een baan waar ik lichamelijk in beweging ben, lekker buiten mag zijn en er geen scherm aan te pas komt, past hier perfect bij. Zo begon ik als receptioniste in een hotel. Lekker achter de receptie staan en rondrennen door het hotel om allerlei probleempjes op te lossen. Heerlijk!

In de sneeuw en aan het strand
Daarna vond ik een baan in Zwitserland. Als skilerares van echte ukkies. Sommigen slechts 3 jaar oud. Ze konden net lopen maar van die berg af racen vonden ze fantastisch! En ik ook. Ik stond de hele dag buiten in de sneeuwzon en ’s avonds en op mijn vrije dagen schreef ik mijn opdrachten.

De zomer kwam eraan. Sneeuw gesmolten en de kids waren alweer toe aan vakantie. Een zomerkamp in Egypte werd mijn volgende avontuur. Van ’s morgensvroeg tot ’s avonds laat naar het strand, in het zwembad, in de weer met creatieve en stoere activiteiten. Druk! Maar er was nog steeds tijd tussendoor en in het weekend voor mijn laptop. Niet te veel en niet te weinig. Het was een heerlijke combinatie.

Is het niet te veel werken de hele tijd?
Ik kan me voorstellen dat deze manier van werken voor sommige mensen niet fijn is. Voor mij wel. Zo simpel is het. En natuurlijk heeft het mij ook tijd gekost om dit te ontdekken. Maar nu ik het weet en ik erop in kan spelen, geeft het me alleen nog maar energie. Blije energie. Jippie!!

En nu is de zomer voorbij…. En zoek ik weer naar een volgende fijne opdracht! Het liefst voor wat langer deze keer.

 

Renée, waarom schrijf jij eigenlijk geen boek?

Tekstschrijvers kunnen best boeken schrijvenGoede vraag! Waarom schrijf ik eigenlijk geen boek? Ik ben toch schrijfster? Dat betekent toch dat ik alles kan schrijven wat ik wil? Ik kan ook enorm snel typen. Das handig, zo is het boek lekker snel af.

Aan de slag: schrijf een boek!
Laptop opgeladen, kop thee erbij en zitten maar. Mijn vingers bungelen boven de toetsen, de letters zouden als vanzelf in mijn scherm verschijnen. Misschien… moet ik even ergens anders zitten. Om de creativiteit te bevorderen. Ik verplaats mijzelf naar een stoel naast het raam. Hm… wellicht is dit niet de juiste plek. Ik zak neer op de grond, met mijn rug tegen de muur. Oef, koude billen op de houten vloer. Wat nu?

Mijn boek gaat over…
Ik dacht dat mijn hoofd vol met verhalen zat. Te veel verhalen misschien. Eerst dus maar uitdunnen tot een mooie verhaallijn. Een begin, een midden en een spetterend einde. Wat heb ik daar voor nodig? Post-it’s natuurlijk! In allerlei kleuren. En ik weet al precies waar die kan opplakken. Ik pak mijn mooiste pen om ze te beschrijven.

Een spetterende verhaallijn
Knalgeel en fluorescerend roze, het duizelt me inmiddels. Er liggen al wat post-it-propjes op de grond. Die verhaallijnen sloegen nergens op. Nog een keertje proberen. En m’n laptop openen. Google. Ik type: “hoe schrijf ik een boek?”.

Google weet het alweer beter
Nu Google op de hoogte is van mijn falen, voel ik me iets rustiger. Ik scrol rustig door tientallen blogs van schrijvers en boekschrijfdeskundigen. Zij doen allemaal alsof het ’n eitje is; een boek schrijven. Je tikt het verhaal dat in je hoofd zit op papier, levert het in bij een uitgever en ’n jaar later ligt het in de winkels. Het liefst op de plank bij de bestsellers. Oef… mijn boek ook daadwerkelijk uitgeven. Dat zou tof zijn.

En zij leefde nog lang & probeerde het later nog eens
Enkele uren zijn inmiddels verstreken. Ik denk dat het beter is dat ik pauze neem. Even mijn gedachten over het boek stopzetten. Focussen op iets anders. Een nachtje over slapen misschien. Ik laat het gewoon een tijdje liggen en dan komt het later vanzelf wel. Ik sla mijn schrijfdocument op, 4 pagina’s deze keer. De post-its gaan in de la bij hun voorgangers.

Ooit schrijf ik een boek. Dat weet ik zeker.

 

Kinderkoppies op social media!

“Spontane foto’s werken het beste bij het artikel!” Ja, dat weten we allemaal. Een koppel dat niet-gemaakt naar elkaar staat de grijnzen, een oprecht verbaasde blik in haar ogen en vooral spelende kinderen waar de onschuld vanaf druipt. De laatste.. die kinderen. We love it! Jammer voor je! We mogen ze niet gebruiken.

Tekstschrijver vs beeldredacteur

Natuurlijk zijn de ouders supertrots op hun kroost. En uiteraard delen zij het liefst letterlijk alle feitjes over die ukkies. Maar hoe verstandig, of dom, is het eigenlijk om dit op social media te doen?

Ik kan jullie een paar redenen geven om over na te denken. Want natuurlijk mag iedere ouder zelf beslissen wat zij ervan vinden. Maar wat voor ons tekstschrijvers betreft, wij moeten weten waarom wij al helemaal niet in ons recht staan andermans kinderen te presenteren op internet.

Verborgen? Op internet is niks verborgen

Alles wat je op internet plaatst, is onuitwisbaar. Je denkt misschien dat je een online privé-fotoalbum of -dagboek bijhoudt, maar niets is minder waar. Is je account afgeschermd, heb je nog enige grip op het geheel. Maar zelfs dan kunnen vrienden en/of volgers jouw foto’s delen of downloaden. Is dit wat je wilt? Dat dit bij een open account zoveel keer erger is, hoef ik je vast niet uit te leggen.

Heb je trouwens al van Big Brother Facebook Corp gehoord? Een tool die vanaf de eerste geboortefoto al een kleine databank opent. Facebook (en Instagram hoort hier ook bij) slaat automatisch op dat jij een kind hebt. De naam + alle interesses en activiteiten van het kind zelf en de ouders gaan zo het archief in. Scary niet?

Wie is de eigenaar van de foto’s?

Je denkt natuurlijk dat jij dat bent. Het is tenslotte jouw profiel. Mooi niet! Vanaf het moment dat jij een foto op Facebook en/of Instagram zet, is Facebook corp. de wettige eigenaar. Niks meer aan te veranderen. Ze mogen er alles mee doen wat ze willen. En zeg nou zelf, waarom zouden ze dat niet doen?

(emotionele) schade voor het kind zelf

Dit kan natuurlijk op meerdere manieren. De eerste is dat kinderen rond hun 6e jaar het gevoel van schaamte gaan ontwikkelen. Hier houd jij misschien helemaal geen rekening mee wanneer je iets online post. En dat is natuurlijk niet eerlijk, aangezien het kind wellicht niet helemaal kan uitleggen waarom hij dit niet leuk vindt.

Daarnaast kan het kind er vooral later echter problemen mee krijgen. Noem een sollicitatie, relatie o.i.d. HR-afdelingen, toekomstige werkgevers, maar zeker ook (blind) dates grijpen altijd even naar Google voordat ze je gaan ontmoeten. Zijn hier dingen op waar je zelf niet achter staat, kan dat tot een enorme teleurstelling leiden natuurlijk. Hebben je ouders deze dingen gepost? Dan wordt het beeld van hen ook een stuk duidelijker.

Je brengt het kind misschien in gevaar

Ik wil niemand op gekke ideeën brengen, want zulke gekken hebben we genoeg in de wereld. Maar je wilt toch zeker niet dat door jouw schuld zo’n gek het op dat kind gemunt heeft? Door een foto van ‘n kind te plaatsen, kunnen mensen een heleboel informatie achterhalen en daar hun voordeel mee doen. Voordelen waar jij helemaal niks van wilt weten.

Hoe normaal is het eigenlijk?

Wanneer ouders zomaar alles online zetten, vinden kinderen dit als vanzelf normaal. Ze weten niet beter en zullen alles over zichzelf ook eerder bloot geven aan de rest van de wereld. De weg naar ongecensureerde filmpjes is dan maar kort. Ook zullen kinderen zoals deze niet kunnen leven zonder sociale bevestiging. Het aantal likes kan hun hele leven gaan beheersen waarbij de onzekerheid met zekerheid groeit.

Pedofielen en social media

“Ow, zo schattig! Onze kleine uk die in z’n blote billetjes over het strand rent.” Klik! De foto is zo gemaakt. En daar is natuurlijk niks mis mee. Bewaar het op de eigen camera/telefoon of maak er thuis een mooi plakboek van. Post je het op social media? Bij de FBI zijn lijsten van pedofielen bekend die verzamelingen maken van minderjarige kinderen in hun nakie, gevonden op Facebook en Instagram. Daar hoeft jouw ukkie toch niet bij te zitten?

 

Nu wil ik absoluut niet zeggen dat de wereld direct vergaat wanneer ouders foto’s en video’s van hun kinderen op Facebook en Instagram posten. Niet elk kinderleven is meteen verwoest door een papa en/of mama die ook graag met de trend van Pinterest en Snapchat meedoet. Maar wij als tekstschrijvers, pas erop! Denk aan de wensen van de ouders en bepaal nooit voor hen wat goed en fout is.

Dag Dag!

#ContentWords

“Heb ik ook een tekstschrijver nodig?”

Opeens is iedereen tekstschrijver, copywriter en contentspecialist. Opeens tikt iedereen meer dan 350 APM. En als vanzelf overstromen de fijne koffietentjes met schrijvers die laptops en noteblocks bij zich hebben. Whatskebeurt?!

GEZOCHT: Tekstschrijver! Wat schrijft een tekstschrijver?

Hoogstwaarschijnlijk was het nooit eerder zo duidelijk dat goede teksten een verschil kunnen maken. In de digitale wereld waarin we nu allemaal leven, lezen mensen compleet anders dan voorheen. De krant vol (zoals men vond) pure waarheden, werd helemaal doorgespit. Vandaag de dag scannen mensen artikelen op smartphones en tablets. In de pure waarheid van 1 artikel, daar gelooft men al lang niet meer in. Om aan de juiste informatie te komen, worden meerdere bronnen geopend en aan de hand daarvan een mening gevormd.

Lezen gaat anders, schrijven dus ook

De een is goed in timmeren, de ander in verkopen en weer een ander in schrijven. Dat is altijd al zo geweest. (Voeg cliché toe: “Ieder z’n vak”.) Maar in alle eerlijkheid, vroeger konden er minder mensen goed lezen. Dus dat er goede schrijvers waren, was ook minder belangrijk. Een spelfoutje hier of een niet zo strategische zin ergens anders. Who cares?! Das nu wel helemaal anders!

Fouten gaan viral!

1 TaalVoutje en je tekst staat direct online te grabbel. Mensen schromen niet meer om negatieve reacties achter te laten onder door jou geschreven blogs of artikelen. En wat vooral bizar is, iedereen weet altijd alles beter. Qua schrijfstijl én qua inhoud.

Schrijven is een vak

Maar geloof mij. Dat de online reacties vol spelfouten zitten en dat ik de spottende bijschriften op Facebook vrijwel altijd 2x moet lezen voordat ik ze begrijp, versterkt alleen maar mijn weten. Schrijven is een vak. Een vak dat iedereen denkt te kunnen, maar wij tekstschrijvers weten wel beter. Wij zijn de specialisten op het gebied van letters en woorden

Maar wat schrijf ik dan?

Wanneer iemand aan mij vraagt: “Renée, wat doe jij dan voor werk?”, zeg ik bijna altijd: “Ik schrijf.” “Ow, ben je schrijver?” weerklinkt het dan. “Uh, ja en nee”, antwoord ik. “Ik schrijf alles wat je kunt lezen, behalve boeken.” En dat is eigenlijk ook zo.

Natuurlijk heb ik ook mijn voorkeuren. Maar ik kan eigenlijk alles schrijven. Volgens de regels.

Schrijven – offline & online

Een opdrachtgever geeft aan dat hij teksten nodig heeft. Dit kan zijn voor zijn website, voor een nieuwsbrief en een gedrukte folder bijvoorbeeld. Er moet een blog komen of artikelen over zijn werknemers. Of ik dat kan schrijven. Natuurlijk! Daarbij komen dan allerlei leuke klussen kijken. Het uitzoeken van de juiste informatie en het bepalen van de doelgroep. Het houden van interviews en een altijd interessante samenwerking met de designers.

Het foutloze eindresultaat valt of staat met de juiste toon, afgestemd op de lezers. Het juiste leesniveau, duidelijkheid en leesbaarheid. En ook gericht op SEO en social. Feedback. Correctierondes. Herschrijven. Als je al deze termen voorbij ziet komen, dan is het toch helemaal niet zo vreemd dat niet iedereen dit kan? Daar gaan we weer…. “Ieder z’n vak!”

Teksten creëren, corrigeren of redigeren…. Zal ik het voor je doen?

Ik was hoofdredacteur van ’n magazine

Nou ja, met hoofdredacteur blaas ik iets te hoog van de toren. Maar zo voelde het in elk geval wel. Mijn communicatiestudie succesvol afgerond, diploma in de pocket en de eerste sollicitatiebrief was de deur uit. Er was niet eens tijd om te luieren. Ik werd direct aangenomen! Bij een uitgeverij in Heemskerk. Zo stapte ik zomaar de wereld van de tijdschriften en magazines in.

Tijdschriften, magazines on demand & een online platform

Ik had ‘m snel door: er was veel te doen. Er was heel veel te doen. De uitgeverij gaf namelijk iedere week 1 magazine uit met een woongerelateerd onderwerp. Zo schreef ik de ene maand over badkamers, de ander over keukens en weer een volgende over tuinen. Gericht op mensen-met-centjes dus de producten waren wauwie!

Ook was deze uitgeverij bezig met printing-on-demand. Of te wel; men kon zelf een eigen tijdschrift samenstellen en deze werd dan speciaal gedrukt. Met als resultaat: er moest over ALLES een pagina geschreven worden. Anders was er niet veel keus. De onderwerpen? Fietsen… en kamperen. Er gingen compleet nieuwe werelden voor me open 🙂

Ik leerde schrijven voor het web

Iets waar mijn studie hopeloos in tekortgeschoten is, maar wat toendertijd vol in opkomst was: schrijven voor het web (dùh!). Mijn uitgeverij had een papieren magazine met hele gave producten. Bij deze producten stond een code die men op onze website kon opzoeken voor meer informatie. Werd ik hier ‘s even razendsnel gebrainwashed op het gebied van online teksten, SEO en linkbuilding. Mijn 1e online ervaring. De basis voor alles wat ik nu weet.

Interviews, advertorials en keiharde copy

Ukkie als dat ik was, ik vond het heerlijk in de uitgeverij. Ik schreef keihard mee, leerde m’n broek aan flarden en stapte bijna dagelijks over drempels heen. Waar ik telefoneren eerst eng vond, had ik nu harde deadlines voor interviews en binnenkijkers. Ik pakte die telefoon en schudde handjes als een pro. Me, is in the game!

Met m’n snoet in het colofon

Naast alle losse werkzaamheden waar al bijna geen tijd voor was, moest er iedere maand een woonmagazine verschijnen. En ons team was niet groot. De verantwoordelijkheden werden netjes en strak verdeeld. Wat betekende dat je eens in de zoveel tijd de gehele verantwoordelijkheid kreeg over een woonmagazine. ‘Bladcoördinator’ noemden we dat. Afgaand op de stress en de energie die je ervan kreeg, mocht je het best hoofdredactrice noemen. Een drama en fantastisch tegelijk!

Maar daardoor stond dit broekie dus wel met haar snoet en haar voorwoord op de eerste pagina’s. Alsof ik beroemd was!

#TROTS!

Met mijn koppie in het magazine 😀

Wat is SEO? Vindbaar zijn via Google

SEO staat voor: Search Engine Optimization… aka Zoekmachine Optimalisatie. Maar wat optimaliseren we? De vindbaarheid van mijn website in zoekmachines zoals Google. Want als jij in die witte zoekbalk: “Content Words” invult, dan is mijn wens dat de website van mijn wereldonderneming bovenaan de zoekresultaten verschijnt.

Content Words bovenaan in Google

Bovenaan in Google, daar draait het bij (mijn) SEO om. Daar hangen allerlei technische feitjes en regeltjes aan. Er zijn tactieken en strategieën voor. En dat is niet voor niks. Waarom niet? Nou, ik ben niet de enige. Iedereen wil natuurlijk bovenaan staan in Google. Beheers ik de feitjes en regeltjes? Dan is het zaak om m’n eigen gezonde verstand op scherp te zetten.

Bloggen voor SEO

Een blog bijhouden is een zeer goede manier om de juiste woorden op de juiste plekken te kunnen zetten. Google leest mijn teksten en bepaalt of ik een plek bovenaan de lijst verdien. Daarom is het belangrijk dat Google direct het onderwerp van mijn blogpost weet. Hoe regel ik dat? Door een duidelijk verhaal te hebben. 1 onderwerp + 1 rode draad. Daarnaast is het belangrijk dat ik de woorden waarmee ik iets wil bereiken, terug laat komen in titel, body tekst en tussenkoppen.

Een voorbeeld over SEO bloggen

Bijvoorbeeld… ik houd een website bij over ijsjes. Na een keyword-onderzoek blijkt dat de woorden waarmee ik kan scoren ‘ijsbollen’, ‘bekertjes’ en ‘discodip’ zijn. Als men in Google zoekt op ‘Renée’s ijsbollen’, dan moet ik wel bovenaan in Google komen. Maar hoe doe ik dat? Ik moet de score-woorden in mijn titel, tussenkoppen en tekst verwerken.

Titel: “Het lekkerste softijs met choco-spikkels koop je bij mij!” FOUT!!! “Renée’s ijsbollen, extra lekker met discodip”. Dat zou juist zijn. Of “Renée vult haar bekertjes met de lekkerste ijsbollen” o.i.d. De score-woorden moeten terugkomen op de meest prominente plekken. Overdrijf het niet. Maar vergeet het nooit!

Nog meer score-woorden

Besluit ik geen blog bij te houden, dan zijn er natuurlijk nog meer mogelijkheden om mijn score-woorden duidelijk te maken. Een website valt of staat niet met wel of geen blog. Maar wel met wel of niet de juiste woorden.

Wist je trouwens dat ook het regelmatig bijhouden en vernieuwen van de info op mijn website mij helpt scoren?
Tot snel dus… Voor meer verhalen en informatie.

Doei!

 

Content Words schrijft op de bar

Ik ben getrouwd met mijn laptop. Hij mag overal mee naar toe. We drinken samen koffie, je mag mee naar al mijn afspraken en soms rol ik je met mij in een deken wanneer het buiten heel erg koud is. En af en toe, heel soms, mag je mee naar het café.

Werken in een koffietent

Werken in een koffietentje, dat doen we regelmatig. Jij weet al wat ik drink, ik weet al waar de stopcontacten zitten. Meestal zet ik je dan op een grote tafel. Jij tussen jouw soortgenoten, ik tussen de mijne. Of het heel gezellig is, dat weet ik niet zeker. Maar hard werken, dan doen we allemaal zeker.

Schrijven in het café

Maar als je mee mag naar het café, dat is andere koek. Dat gebeurt niet vaak. Een reden daarvoor is dat ik je niet altijd van stroom kan voorzien daar. En dat het er vaak schemerig is en minder vanzelfsprekend. We zijn dan vaak de enigen. Maar dat geeft natuurlijk niks. We hebben elkaar toch? 😉

Café Wigbolt it was!

Afgelopen weekend was het zo’n weekend. Mijn partner-in-crime en ik besloten onze werkdag af te sluiten met ‘n borreltje. We hadden er al ‘n hele dag thuis-werken op zitten. We waren wel toe aan een hap frisse lucht en een biertje. Maar het werk was nog niet helemaal af! Laptop geladen? Check! Notitieblok mee? Check! Pennen niet vergeten? GO!

 

Biertje, pindaatje en de hotspot op mijn telefoon.
De lijstjes afgestreept, de dag werd afgerond.

Bedankt leuke laptop van me!

PROOST!

 

Netwerken = vissen in m’n vangnet

“Freelancen: het is mijn netwerk dat indirect mijn huur betaalt.” Ik vind het leuk om terug te kijken op hoe het allemaal gegaan is, dat freelancen van mij. Wat ik allemaal heb gedaan, geschreven en bereikt. Welke dingen er aan kwamen waaien, maar ook waar ik voor heb moeten vechten. Het is een bonte verzameling van ervaringen geworden. En ik heb van allemaal iets geleerd. Tof toch? 🙂

Netwerken, een netwerk… een vangnet

Je opsluiten en met niemand praten. Oei, ik leer wel dat dat niet de oplossing is om opdrachten binnen te slepen. Ondanks dat het internet vol staat met ‘vacatures’, mèh, die zijn een illusie. Steek je snoet buiten en ga handjes schudden. Er zijn zo ontzettend veel mogelijkheden om te netwerken. De een leuker en interessanter dan de ander. Ik probeerde gewoon een paar varianten. En ik ben eigenlijk nog steeds niet uitgeprobeerd.

Het netwerk dat je opbouwt, vormt tegelijkertijd je vangnet. Zij zijn de mensen die mij aan durven te bevelen bij anderen. Zij zijn indirect de mensen waardoor ik mijn huur kan betalen. Thanks people! Jullie zijn fijn.

SMILE! De gunfactor & vertrouwen

Ondanks dat netwerken belangrijk is, maak je mij niet blij met iedere week een ander netwerk event. Ik denk altijd maar: “De lach op mijn gezicht moet wel echt blijven”, een fake smile valt altijd door de mand en daar kun je alleen maar je eigen glazen mee ingooien. Mijn advies voor iedereen: ga dus alleen netwerken als je er zin in hebt. Vandaag een keertje niet? Volgende keer beter! Wedden dat je er dan ook veel meer uithaalt.

Als je er zelf ook plezier in hebt, zullen anderen dit meteen zien. De gunfactor moet opgebouwd worden, het vertrouwen komt pas daarna. Het kost tijd en energie, maar blijkt altijd de moeite waard.

Tot handje-schuds!

Lekker netwerken & lekkere hapjes proeven

Content Words @ Food Unplugged Festival in Ede (2016)

De website van Content Words!

Toeters en bellen rinkelden in mijn hoofd. De muziek op standje 10 en de confetti kwam met bakken naar beneden. Het was feest. Mijn feest! Want ik ben zelfstandig. Freelance. Zzp’er. De aftrap. Want vanaf dat moment zou alles gaan veranderen. En jup, dat was ook zo. Hoe kan het ook anders?

Van vaste baan naar freelance bestaan

Of ik het nou zat was of gewoon toe was aan een nieuw avontuur, dat kan ik in het midden laten. De beslissing werd genomen: ik werd freelancer. Werken voor mijn eigen bedrijf. Zo gezegd, zo gedaan. En zo huppelde ik in mei 2015 met al mijn papieren het gebouw van de KVK uit. BAM! You did it girl! Content Words was een feit. Whoohoo!

Snel naar huis, aan de slag.
Haha… daar zit je dan. Je eigen bedrijf te hebben. Wat nu?!

1. Zakelijke rekening aanvragen
2. Programma zoeken waarmee ik offertes kan sturen. En factureren natuurlijk
3. Ik moet een logo. Moet ik een logo. Ik moet een logo
4. Wie kan mij helpen met visitekaartjes?
5. Social… registreer die Facebook-pagina direct!
6. Een website. Hm.. die komt later. (Lees: veel later). Maar er is wel haast bij.
7. Hoe ga ik eigenlijk aan opdrachten komen?
8. Eerst maar iedereen een berichtje sturen: “Ik ben Freelancer!”

De dag is al voorbij!! Hoe is dat gebeurd?

De ingrediënten van het freelancen

Want zo zie ik alle facetten van het freelancen. Als ingrediënten die het menu compleet maken. Die mijn leven als zzp’er succesvol maken. Gevarieerd eten wordt toch door iedereen aangeraden? Gevarieerd werken dus ook. Simpel! 🙂 Verschillende soorten opdrachten voor allerlei opdrachtgevers. De een uitdagend, de ander leuk omdat je er iemand zo ontzettend mee helpt. Strakke deadlines, ingewikkelde CMS-systemen. Bijna alles even leuk. Ik geniet!

De website van Content Words. Mijn website.

En nu, 2-en-een-half jaar later, schrijf ik de laatste woorden voor dit blog… voor de website! Mijn website!
Een taak die bleef liggen door drukte. Maar wel een taak die zoveel voldoening geeft. Mijn eigen website. Jeeh!

“Kijk jongens, hoe professioneel ik ben. Ik heb mijn eigen website.”

De toeters en bellen rinkelen weer. De muziek gaat aan en laat die confetti maar weer komen. www.contentwords.nl is een feit!

Feest jij met mij mee?! 😀

 

Nederland is 1 freelance tekstschrijver rijker

Ingeschreven bij de KVK: Content Words is een feit!

 

Portfolio Items